#113: De 10 trucs die het UWV gebruikt om zieke cliënten niets uit te keren (deel 1/5)

CC: Wouter Koolmees (minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid)
CC: Pieter Heerma (fractievoorzitter CDA, initiatiefnemer parlementair onderzoek “menselijke maat”)
CC: Gert-Jan Segers (kamerlid ChristenUnie, initiatiefnemer parlementair onderzoek “menselijke maat”)

Omdat de Tweede Kamer een parlementair onderzoek zal instellen naar het “verlies van de menselijke maat” bij onder andere het UWV, wil ik graag een duit in het zakje doen.

Wanneer je googelt naar “ervaringen met het UWV” vind je doorgaans alleen maar anekdotes van individuen die boos zijn op het UWV met daaronder reacties van anderen die het óók alleen maar over hun eigen individuele “keuring” hebben, waarbij de woorden “belachelijk” en “onmenselijk” vaak vallen.

Ik dacht altijd dat dit zeurende tokkies waren die gewoon niet wilden werken en een slaatje probeerden te slaan uit ons sociale stelsel. Totdat ik zelf cliënt werd van het UWV. Ook ik heb de afgelopen jaren mijn persoonlijke klaag-verhalen op dit blog gezet. Maar nu het is nu tijd voor een meer neutraal, algemeen verhaal waarin emoties en anekdotes zijn weggelaten en er op feiten wordt gefocust.

(Advertentie)

In deze blogposts zal ik, op basis van mijn gesprekken met verzekeringsartsen, arbeidsdeskundigen en andere medewerkers van het UWV tijdens de afgelopen drie jaar, proberen te tonen dat het UWV zich vaak verschuilt achter flauwe trucjes om talloze zieke mensen een uitkering te weigeren.

Ik ben langdurig cliënt van het UWV en werd vanaf de eerste dag geconfronteerd met allerlei gebeurtenissen waarvan ik me afvroeg of het wel integer is wat het UWV doet, of op zijn minst redelijk. Vrijwel direct heb ik besloten om zoveel mogelijk open kaart te spelen met elke medewerker die ik sprak en ze te vragen naar hun werkwijze. Ik heb gesproken met verschillende mensen van de afdelingen Sociaal Medische Zaken (SMC) en Bezwaar en Beroep. Het Werkbedrijf, ook een tak van het UWV, valt buiten beschouwing van deze artikelen, alhoewel ik daar mensen heb gesproken die niet goed begrijpen hoe hun collega’s aan de overkant opereren.

Bij één op de drie dossiers van het UWV is “aanleiding om te twijfelen aan de uitkomst van de beoordeling”. Maar die beoordelingen zijn niet altijd per ongeluk verkeerd, bijvoorbeeld door werkdruk of menselijke fouten. Het UWV heeft namelijk een aantal universele en structureel toegepaste methodes die men hanteert om zieke cliënten niets (of zo min mogelijk) uit te keren. Ik gebruik het woord “trucs” omdat in bijna elke methode toch wel enige vorm van deceptie te bespeuren is.

Bij elke truc die ik zal beschrijven geef ik óók een persoonlijke mening over hoe het UWV het anders zou kunnen doen. Ik schrijf deze meningen als mens en als cliënt van het UWV. Ik ben dus geen jurist of expert. Ik nodig eenieder dan ook uit om te reageren en/of mij te corrigeren.

foto: © 2018 kutikhebeenburnout.nl

Truc 1: Bejegening

De eerste truc is de “bejegening”. Wie “in de ziektewet zit” en tegenover een verzekeringsarts van het UWV komt te zitten krijgt dingen te horen als:“u kunt zich het beste gewoon beter melden en lekker de WW in gaan, dat is het makkelijkste”. Of bijvoorbeeld:“het tweede jaar ziektewet is alleen bedoeld voor terminale patiënten en dus niet voor u” (wat een leugen is). Tegen dit soort manipulatie kan door de cliënt geen bezwaar worden gemaakt, want het is “bejegening”.

Als een verzekeringsarts van het UWV een cliënt op een oneerlijke of onjuiste manier bejegent, bijvoorbeeld door te liegen, niet te luisteren, suggestieve vragen te stellen, slecht onderzoek te doen, boos te worden, het manipuleren (“er uit lullen”) van de cliënt of door totaal niet open te staan voor gesprek (en ja, al deze dingen komen in de praktijk écht voor), dan kan de cliënt daartegen vrijwel niets doen. Men kan een klacht indienen, maar het UWV is niet verplicht om daar iets mee te doen en de klacht leidt in elk geval niet tot herziening van de beslissing over de uitkering.

De bejegening van de cliënt is van essentieel belang voor een juiste totstandkoming van het oordeel over arbeids(on)geschiktheid, maar wordt weggewerkt onder de klachtenprocedure. Medewerkers van het UWV kunnen tegenover de cliënt doen en zeggen wat ze willen maar de cliënt kan er niet tegen in bezwaar. En men kan er ook niet mee naar de rechter, want juridisch gezien is bejegening iets dat onder de klachtenprocedure valt en niet onder bezwaar en beroep. In 2018 bestond meer dan een kwart van alle klachten bij het UWV uit bejegeningsklachten.

Als de cliënt een bezwaar indient tegen een beslissing van het UWV dan worden eventuele bejegeningsklachten die in het bezwaar staan keurig in ontvangst genomen, maar er wordt niets mee gedaan. In plaats daarvan wordt er op die punten verwezen naar de klachtenprocedure. Het UWV neemt de eventueel apart ingediende klachten weliswaar serieus, maar het oordeel over de uitkering blijft ongewijzigd.

En dus is elke verzekeringsarts van het UWV vrij om te liegen, te negeren wat de cliënt zegt, de cliënt actief tegen te werken en de medische klachten van de cliënt niet serieus te nemen. Dit gebeurt dan ook regelmatig, en men komt er mee weg.

Het UWV zou bejegeningsklachten moeten laten meewegen in bezwaar, en de cliënt de kans moeten geven om opnieuw gehoord te worden wanneer de bejegening onjuist is geweest. Bejegeningsklachten zouden serieuzere gevolgen moeten hebben voor het verdere proces en voor de betrokken medewerker(s).

Truc 2: Een juridisch in plaats van een medisch oordeel

Volgens de website van het UWV wordt er op basis van de lichamelijke en psychische problemen bekeken wat de cliënt nog wél kan op de arbeidsmarkt. Hiermee wekt men de schijn dat er een persoonlijke medische beoordeling zal plaatsvinden. Maar dat is niet de waarheid. Er wordt slechts op basis van juridische aspecten (de wetgeving) en geheime interne regels gekeken of de cliënt iets zal worden uitgekeerd of niet. (CDA-fractievoorzitter Pieter Heerma noemt dit “compliance-denken”; het UWV wil strict voldoen aan regels en verliest daarbij de menselijkheid.)

De cliënt heeft vanzelfsprekend de verwachting dat er op persoonlijke medische omstandigheden zal worden beoordeeld. Men gaat toch immers met een échte arts in gesprek? Maar de arts vertelt niet dat er slechts vaste regels van de baas worden gehanteerd. “…door de grote druk vanuit het management bestaat het werk steeds vaker alleen uit kijken of iemand wel of geen uitkering krijgt”, aldus Rob Kok van de NVVG, de Nederlandse Vereniging voor Verzekeringsgeneeskunde,

Deze regels van het management zijn niet openbaar en niet vatbaar voor onderhandeling of bespreking. De arts zal ook weigeren om te vertellen wat die regels precies zijn als de cliënt er om vraagt. Men zal hoogstens zeggen:“ik krijg problemen met mijn baas als ik van de regels afwijk”. En zo is de kans groot dat de beoordeling heel anders uitpakt dan de medische situatie doet vermoeden.

(Advertentie)

Medische verklaringen van de huisarts of andere behandelaars die door de cliënt worden meegenomen, worden altijd genegeerd. Dergelijke informatie wordt namelijk alleen gebruikt als de arts denkt dat de cliënt liegt of als er tegenstrijdige informatie is. Ook dit vertelt het UWV er niet bij. De cliënt denkt goed beslagen ten ijs te komen en weet niet dat de brief van zijn behandelaar helemaal niet zal worden meegewogen in het oordeel. De medische situatie is altijd ondergeschikt aan de eigen regels van het UWV, en de verzekeringsarts (die de casus van de patiënt helemaal niet kent en de patiënt ook niet behandelt) moet in een half uurtje een “oordeel” geven op basis van deze regels.

Het UWV legt deze werkwijze niet uit en dat is misleidend. Hierdoor zal de cliënt anders in het gesprek gaan staan en zich anders voorbereiden. De cliënt richt zich uiteraard alleen op zijn of haar eigen lichamelijke en geestelijke klachten, en heeft totaal geen idee van de interne regels van het UWV. Men weet niet waar de verzekeringsarts zich wel of niet aan dient te houden, én men gaat er vanzelfsprekend vanuit dat er een normale bejegening zal plaatsvinden (zie truc 1).

Cliënten met een burnout (de doelgroep van dit blog) trekken bijna altijd aan het kortste eind: men kan nauwelijks een rondje lopen of een boodschap doen, en de hele oorzaak van het probleem is veelal júist het werk. Maar toch oordeelt het UWV dan dat er fulltime gewerkt kan worden. Alsof iemand met stoflongen het oordeel krijgt dat men prima in een kolenmijn kan werken, simpelweg omdat de gevolgde regels daartoe leiden en de daadwerkelijke medische situatie daaraan ondergeschikt is.

Het UWV zou de individuele medische omstandigheden zwaarder moeten laten wegen. De interne regels zouden openbaar moeten zijn en vooraf moeten worden verstrekt aan de cliënt. De regels zouden bovendien meer menselijkheid en aandacht voor de medische feiten moeten bevatten.

Lees verder

Tot zover het eerste deel van de 10 trucs die het UWV gebruikt om zieke cliënten niets uit te keren. Lees verder in deel 2.

Bekijk reacties op deze blogpost of reageer zelf op Facebook, Twitter of Instagram.