#117: De 10 trucs die het UWV gebruikt om zieke cliënten niets uit te keren (deel 5/5)

Dit is het laatste deel van een vijfdelig blog; lees vóór het lezen eerst deel 1, deel 2, deel 3 en deel 4.

Truc 10: Het CBBS is een geheime zwarte doos die altijd de waarheid spreekt

Het CBBS is een computersysteem waarmee het UWV beoordeelt of de cliënt geschikt is voor algemeen gangbare arbeid. Analisten van het UWV doen onderzoek bij werkgevers om te bepalen wat de meest voorkomende functies in Nederland zijn en plaatsen informatie hierover in het CBBS. Hoe dit gebeurt, welke vragen men stelt, en hoe de gegevens verwerkt worden is niet openbaar. De gegevens mogen wettelijk gezien niet ouder zijn dan 1,5 jaar maar daarop is geen openbare, onafhankelijke controle. Het neigt naar belangenverstrengeling dat de gegevens in dit systeem, die direct van invloed zijn op de hoeveelheid uitkeringen die wordt toegekend, uitsluitend door het UWV worden bepaald en gecontroleerd in plaats van door een onafhankelijke partij.

Het CBBS wordt ook alleen maar door het UWV zelf gebruikt; andere partijen hebben er geen toegang toe en de cliënt al helemaal niet. De enige mogelijkheid voor een cliënt om te weten te komen wat er in staat is via een WOB-verzoek, waarbij het UWV in de praktijk zoveel mogelijk dwars zal gaan liggen. In beoordelingen van cliënten wordt informatie uit het CBBS steevast gebruikt, maar de cliënt kan nooit controleren of wat het UWV zégt dat in het CBBS staat, er ook daadwerkelijk in staat (of stond op het moment dat het geraadpleegd werd).

Uit het CBBS komt per cliënt tot wel een tiental documenten. Een deel hiervan bestaat uit interne stukken die de cliënt niet mag zien, terwijl er toch persoonlijke informatie in staat over zijn of haar beperkingen en mogelijkheden. (Ik weet niet of dit in strijd is met de AVG, maar dat mag iemand anders uitzoeken). Het UWV heeft liever niet dat cliënten denken in “beperkingen”; men wil dat er gedacht wordt in “mogelijkheden”. Men wil dit bereiken door de documenten over beperkingen geheim te houden; een psychologisch trucje dat iets weg heeft van “security by obscurity“. Een ander deel van de documenten mag de cliënt in principe wel zien, maar wordt uitsluitend verstrekt als er specifiek om gevraagd wordt in een bezwaar- of beroepsprocedure (zie ook truc 7).

(Advertentie)

Het CBBS is in wezen dus een “black box”; er gaat informatie in en er komt iets uit dat van essentieel belang is voor het al dan niet ontvangen van een uitkering, maar er is totaal geen openheid over wat er zich van binnen afspeelt. In rechterlijke uitspraken waarbij cliënten de integriteit van het CBBS hebben aangekaart wordt bijna altijd gesteld dat er geen reden is om te twijfelen aan het CBBS, hoewel het UWV geen enkel inzicht verstrekt over de eerlijkheid en nauwkeurigheid van wat er in gaat en wat er uit komt. Het CBBS is geheimzinnig en de cliënt moet er maar gewoon in geloven, of men wil of niet. Rechters gaan daar naïef in mee.

Het CBBS en de manier waarop de inhoud tot stand komt zou openbaar moeten zijn. Nog beter zou zijn wanneer de inhoud van het CBBS door een onafhankelijke partij zou worden bepaald en niet door het UWV zelf, om (de schijn van) belangenverstrengeling te voorkomen. Cliënten zouden alle stukken die uit het CBBS komen standaard moeten ontvangen, eventueel via het “Mijn UWV” systeem.

foto: © 2018 kutikhebeenburnout.nl

Bonus truc: de verantwoordelijkheid bij de politiek leggen

Het UWV claimt dat men slechts de wet uitvoert, en als je de wet oneerlijk vindt, dat je dan bij de politiek moet zijn. Strict genomen is dit juist, maar het is een dooddoener. Deze opmerking verklaart niet de ethische punten waarop het juist fout gaat: de menselijkheid, de redelijkheid en billijkheid. Deze staan niet in de wet maar zouden best eens door het UWV toegepast kunnen worden.

Om niet te spreken over onzorgvuldigheid, de “kastje-naar-de-muur”-mentaliteit, de bejegening, de niet-onafhankelijke bezwaarprocedure, het compliance-denken, het in het duister houden van cliënten, de onduidelijke bepaling van (uren)beperkingen, de weglatingen uit de FML en de overige genoemde trucs. Deze staan niet in de wet, maar worden gewoon door het UWV zelf verzonnen. Bovendien zou het UWV ook best iets méér kunnen doen dan alleen maar wat in de wet staat, simpelweg uit naam van een goede klantenservice of misschien zelfs… uit mededogen met zieke mensen?

De medewerkers van het UWV worden echter door managers aangestuurd om binnen de juridische regels zo weinig mogelijk uit te keren en zich zo afstandelijk mogelijk te gedragen. Het UWV is immers een verzekeringsbedrijf en alle verzekeraars doen dit. Maar is dat de ook schuld van de politiek? Staat dat ook in de wet? Heeft het UWV dan inderdaad géén sociale, géén ethische en géén medische verantwoordelijkheden, maar uitsluitend juridische? Moet de afdeling “Sociaal Medische Zaken” dan niet gewoon “Juridische Zaken en Handige Trucs” genoemd worden?

Het UWV krijgt van de politiek vast ook de opdracht op zo min mogelijk geld uit te geven, want het sociale stelsel is duur. Het is dus wel enigszins te begrijpen dat men stuurt op het toekennen van zo min mogelijk uitkeringen. Maar ergens in het verhaal is dus de menselijkheid verdwenen, terwijl ons sociale stelsel juist bestaat vanwége menselijkheid. Wij zijn een modern, ontwikkeld land dat hardwerkende mensen niet in de kou laat staan als ze ziek worden. En dat doen we volgens mij niet om op te kunnen scheppen op feestjes van ambassadeurs van andere landen, onder het genot van een Ferrero Rocher. We doen dat omdat we menselijk zijn.

De medische waarheid, die soms vaag en complex is en altijd genuanceerd en menselijk is, verliest het van de juridische waarheid, die strict is, onpersoonlijk, en altijd hetzelfde moet zijn. En dat leidt in veel gevallen tot verkeerde oordelen over arbeids(on)geschiktheid. Combineer dat met simpele management “methodes” zoals medewerkers onvoldoende tijd geven en sturen op kosten in plaats van medische waarheidsvinding, en dan kom je vanzelf op flauwe trucjes uit waarvan cliënten de dupe zijn.

Maar wat doet het UWV hier aan? Schrijft men brandbrieven naar de politiek dat het toch écht anders moet? Dat er veel mensen toch écht arbeidsongeschikt zijn en dat het budget omhoog moet? Dat de werkdruk te hoog is? Dat cliënten niet goed gehoord en onderzocht kunnen worden? Dat men verzuipt en hulp nodig heeft? Dat de wet niet klopt of onvolledig is? Dat de integriteit niet kan worden gewaarborgd? Dat men wel trucjes móet gebruiken omdat men anders niet kan voldoen aan de eisen van de overheid?

Neen, in plaats daarvan wil het UWV de verzekeringsartsen nu een nieuwe versie van de ambtenareneed laten afleggen met daarin de tekst:“ik zal niets doen met als doel het aanzien van UWV te schaden”. Deze eed is door de raad van bestuur als eerste afgelegd, en dat zegt genoeg.

Dit toont duidelijk aan dat het UWV voorkeur geeft aan de twee meest bekende Trumpiaanse / Jinpingiaanse beleidsmethodes:“niets doen dat ook maar enigszins in het voordeel van anderen is” en “alles in het werk stellen om critici de mond te snoeren”.

Conclusie

Ik snap natuurlijk ook wel dat het vaststellen van de beperkingen en mogelijkheden van een patiënt ingewikkeld is en geen exacte wetenschap. Ik snap natuurlijk ook wel dat medewerkers van het UWV niet genoeg tijd krijgen om daadwerkelijk met voldoende aandacht tot een eerlijk oordeel te komen. Ik snap natuurlijk ook wel dat de verzekeringsartsen onder druk worden gezet door hun baas met allerlei interne regeltjes die mogelijk in strijd zijn met de medische ethiek of zelfs de artseneed die men heeft gezworen toen men arts werd.

Maar de cliënt is hier het slachtoffer, niet het UWV.

Als je je als cliënt vooraf wilt wapenen tegen het UWV dan moet je op één of andere manier op de hoogte zijn van hoe het UWV werkt en welke trucs je allemaal om je oren zal krijgen. Je bent echter ziek en gaat er eigenlijk vanuit dat alles gewoon netjes geregeld is. Wij hebben een sociaal systeem en je vertrouwt daarop. Daarvoor betaal je belasting en daarvoor stem je op een partij.

Maar dan vallen trucs en manipulatie je ten deel. Het tragische is: de meeste cliënten leggen zich er maar bij neer dat ze geen ZW of WIA uitkering krijgen en verdwijnen dan in de WW of uiteindelijk de bijstand, waar het steeds moeilijker wordt om ooit weer terug te keren in het arbeidsproces.

Wie een burnout heeft

En dan nog diegenen met een burnout, de doelgroep van mijn blog. Die hebben vanwege hun medische toestand totaal geen energie om ergens tegenin te gaan of om paraat te staan voor de werkwijze van het UWV. De hersenen functioneren niet goed meer en men is uitgeput. En dus komt het UWV er mee weg om duizenden mensen met een burnout (de meest voorkomende oorzaak van arbeidsongeschiktheid in het bedrijfsleven) een ZW of WIA uitkering te weigeren op basis van wat slimme trucs, waarmee de daadwerkelijke medische problemen en beperkingen van deze groep cliënten worden genegeerd.

En dat is een extra klap in het gezicht, want zorgverzekeraars weigeren ook al om de behandelkosten bij burnout te betalen, omdat het “een beroepsziekte” zou zijn. De werkgever moet betalen, maar wil dat liever niet en spant de arbo-arts voor eigen kar om de diagnose “burnout” te allen tijde te vermijden. Men maakt er “psychische problemen” van, en de werkgever start vervolgens procedures om van de medewerker af te komen. Het UWV accepteert deze praktijken gewoon (want zolang er maar minimaal aan de Poortwachter voorwaarden is voldaan dan boeit het verder niet) en doet er nog een schepje bovenop door de cliënt de verschillende trucs te presenteren die in deze blogs beschreven zijn.

Dat het UWV cliënten met een burnout zo veel mogelijk de WW instuurt is stuitend. Een burnout kan wel degelijk langer dan een paar maanden duren en zelfs een chronisch karakter hebben. Ook kan de burnout zeer ernstige beperkingen veroorzaken die het werken onmogelijk maken. Zowel het tweede jaar ziektewet als de WIA kunnen dus voor veel cliënten met een burnout heel hard nodig zijn, zeker omdat de werkgever dan vaak al lang uit beeld is wegens einde contract, een arbeidsconflict of een mislukte geforceerde reïntegratie.

(Advertentie)

De meeste cliënten met een burnout krijgen van het UWV het oordeel dat men 40 uur per week kan werken in lichte functies. Dit staat haaks op de gebruikelijke behandelmethode die in de medische wetenschap al jarenlang bekend is: rust nemen en juist helemaal niet (of zo min mogelijk) werken. Fulltime gaan werken, ook in simpele functies, zal bij burnout bijna altijd leiden tot ernstigere klachten of een langduriger herstel. Het UWV werkt op deze manier dan ook actief het herstel van de cliënt tegen, iets dat volgens haar eigen regels niet is toegestaan.

Wie met een burnout zit, zit dus vaak met een medisch probleem, een financieel probleem en allerlei juridische problemen, en het UWV werkt daaraan van harte mee door de cliënt met de genoemde trucs te minachten.

En dat is onaanvaardbaar.

Volgende keer

Volgende keer ga ik vakantieplannen maken.

Bekijk reacties op deze blogpost of reageer zelf via Facebook, Instagram of Twitter.