#89: Mijn ziektewet bezwaar bij het UWV

Omdat ik onlangs ben weggelopen uit het gesprek met de verzekeringsarts van het UWV (zie blog #84) is daar natuurlijk uitgekomen dat een eerdere beslissing dat ik fulltime zou moeten kunnen werken (zie blog #78) nog steeds van kracht is.

EN NU
BEN IK
HET ZAT
MET HET UWV!

Ik heb dan ook alsnog een bezwaar ingediend tegen deze beslissing, en na enkele weken wordt ik weer uitgenodigd om in Alkmaar mijn bezwaar te komen toelichten. In tegenstelling tot vorige afspraken bij het UWV schrijf ik nu van te voren echt letterlijk op wat ik allemaal wil gaan zeggen, want ik moet er nu écht eens voor zorgen dat ze naar mij luisteren en niet met hun standaard leugens en bedrog (zie blog #62) mij eruit lullen.

(Advertentie)

Mijn argumenten voor het bezwaar

Ik moet leren om assertief te zijn, voor mijn rechten op te komen, en te uiten wat mij dwars zit. Dus, ik noteer een lijst van zaken uit de beslissing van het UWV waar ik boos over ben. Deze lijst ga ik voorlezen bij de hoorzitting over mijn bezwaar, en ik laat me niet onderbreken:

  • de UWV arts heeft onjuistheden in zijn rapportage gezet. Hij zou mij ermee hebben “geconfronteerd dat het wel mee zou vallen met de moeheid” en dat ik daardoor geïrriteerd raakte. Dit is onjuist; hij probeerde mij te laten zeggen dat ik “emotioneel moe ben en niet lichamelijk moe” maar dat heb ik geweigerd te zeggen. Dat ik geïrriteerd raakte is correct gerapporteerd, maar de irritatie kwam door zijn vraagstelling waar niets tegenin te brengen was. Hij heeft mij NIET geconfronteerd met het feit dat de moeheid wel meeviel.
  • de arts heeft gerapporteerd dat hij “uitvoerig probeerde om mijn klachten in kaart te brengen”. Dat is niet waar, we hebben het alleen over moeheid gehad, waarna hij direct begon om mij te laten erkennen dat mijn moeheid niet lichamelijk zou zijn. Hij had moeten noteren dat we niet zijn toegekomen aan het uitvoerige onderzoek omdat ik het gesprek heb verlaten.
  • de arts rapporteert dat ik twee maal daags naar Zandvoort fiets en daar ook nog ga wandelen. Dit is onjuist. De werkelijkheid is dat ik sóms in Zandvoort wandel (met de auto er heen) en soms in Bloemendaal. Soms fiets ik in de duinen. Dat ik dat allemaal op één dag doe heeft hij zelf erbij verzonnen.
  • de arts begon in het gesprek onmiddellijk met suggestieve vraagstelling, te weten: ”nadat u gefietst heeft, heeft u toch meer energie?” en “als u ’s ochtends wakker wordt dan heeft u toch energie?” Ik heb geantwoord dat beide onjuist zijn, en dat ik helemaal geen energie heb. Voor dit antwoord stond hij niet open. Suggestieve vraagstelling geen juiste methode om medisch objectief iemands klachten vast te stellen.
  • ik vroeg aan de arts waarom hij op deze manier werkt, en hij antwoordde dat hij “anders problemen krijgt met zijn baas”. Hieruit blijkt dat ik dus niet beoordeeld wordt op basis van mijn medische klachten, maar op basis van bepaalde regels die de baas van de arts voorschrijft.
  • de arts wilde niet ingaan op mijn vraag welke regels of welke voorschriften van zijn baas dat dan zouden zijn, of waar ik die kan vinden.
  • ik heb het gesprek heb verlaten uit irritatie omdat de arts mij probeerde te manipuleren en niet open stond voor de antwoorden die ik gaf. Dit blijkt ook uit zijn rapportage waarin géén van de antwoorden die ik gegeven heb genoteerd staan.
  • ik was geïrriteerd omdat de arts verwees naar de arbeidsdeskundige en naar de rechter toen ik aangaf dat ik het niet met hem eens was, in plaats van met mij er over te praten. Dit is afschuiven van zijn verantwoordelijkheid om een medisch objectief oordeel te maken.
  • het oordeel is gezien de bovenstaande punten op niets gebaseerd en dus ongeldig.

Hè wat heerlijk om op te schrijven. Maar ook frustrerend. Ik ben echt woedend en verdrietig over de manier waarop het UWV mij al 2,5 jaar behandeld heeft. Het voelt alsof je steeds naar de huisarts gaat met keelpijn, en dat de huisarts dan zegt: “welnee, u heeft geen keelpijn, u heeft hoofdpijn”. En dat hij dan de helft uit zijn rapportage weglaat, en zegt dat het allemaal wel meevalt, en dat je je maar gewoon beter moet melden, en dat je maar naar de rechter moet gaan als je het er niet mee eens bent.

Als mijn huisarts zo zou werken dan zou ik hem aangeven bij het medisch tuchtcollege.

Tot hier en niet verder. Dat geldt ook voor het UWV.
foto: © 2019 kutikhebeenburnout.nl

Wat ik wil van het UWV

Het kost mij enorm veel moeite om de bovenstaande paar punten te verzinnen en op te schrijven. Ik doe er dagen over om dat lijstje te maken. Het is haast niet te doen om met een burnout te proberen tegen het UWV in te gaan. Ik kan nauwelijks nadenken en me concentreren, en het UWV maakt daar volgens mij ook dankbaar gebruik van.

Als het lijstje klaar is, begin ik aan een ander lijstje. Het lijstje met dingen die ik verwacht van het UWV. Wat wil ik? Wat eis ik? Ja, ik moet maar eens wat dingen gaan eisen, want de maat is vol. “Goed zo, Martin, wees assertief, haal alles uit de kast. Desnoods kan je een week niet slapen hiervan, maar maak een goed verhaal!” zeg ik tegen mezelf in de spiegel.

Ik kom tot het volgende lijstje:

  • ik wil dat het UWV mij een neutrale, medisch objectieve beoordeling geeft over mijn klachten en belastbaarheid, die niet gebaseerd is op eerdere uitspraken.
  • Ik wil dat de diagnose van mijn psycholoog in de rapportage en het oordeel wordt meegenomen en dat ook beargumenteerd wordt welke onderdelen al dan niet gebruikt worden.
  • ik wil dat men informatie opvraagt bij mijn huidige behandelaar en deze informatie mee laat wegen in het oordeel.
  • ik wil dat de conclusie van mijn Werkfit traject (zie blog #40), geregeld en betaald door het UWV, te weten dat ik NIET Werkfit ben en dat verdere behandeling en herstel nodig is alvorens te kunnen reïntegreren, wordt meegenomen in het oordeel en deze niet langer genegeerd wordt.
  • ik wil dat men de Standaard Duurbelastbaarheid in Arbeid (UWV 2015) naleeft en nader rapporteert hoe deze gebruikt wordt om tot een oordeel te komen over de urenbeperking.
  • ik wil dat men de Standaard Onderzoeksmethoden van het LISV naleeft. Bij elk onderdeel dat wordt overgeslagen moet een argumentatie worden gegeven waarom het wordt overgeslagen.
  • ik wil dat de rapportage gestaafd wordt met medische argumenten en uitleg, en men zich niet verschuilt achter dooddoeners als “de klachten zijn medisch niet verklaarbaar”. Dat is namelijk niet waar en doen bovendien geen afbreuk aan het feit dat de klachten er wel degelijk zijn en mij hinderen in het functioneren.
  • ik wil dat men zich in het oordeel niet verschuilt achter onbekende protocollen of interne regels (“het moet van mijn baas”) of afschuiven naar andere partijen (“de arbeidsdeskundige zal oordelen” of “u gaat maar naar de rechter”).
  • ik wil dat het UWV mijn medische klachten nu eindelijk eens serieus neemt en deze ALLEMAAL toevoegt aan het dossier, zonder weglatingen.

Ook dit lijstje is een bevalling, maar ik ben er trots op. Ik werk er maar telkens een half uur aan omdat mijn kop steeds duizeliger wordt en ik ook steeds nerveuzer wordt. Maar ja, als ik andere dingen doen om te “ontspannen” dan krijg ik alle gedachten niet uit mijn hoofd. Alles wat ik wil zeggen, alles waar ik ontevreden over ben, het raast door mijn kop. Het houdt niet op.

(Advertentie)

Tijdens het wandelen of fietsen of even op de bank liggen moet ik soms huilen. Huilen omdat ik bang ben voor het UWV, huilen omdat ik bang ben dat ik tijdens het gesprek woedend zal worden en alles dan weer mislukt.

Als er één reden is waarom mijn burnout zo lang duurt dan is het wel de aanhoudende stress over het UWV en de manier waarop ze mij behandeld hebben. Fucking hell, wat een stress en wat een gezeik.

Nu maar hopen dat ik alles durf te zeggen en er ook tegen kan als ze fel tegen mij in gaan, of weigeren om mijn punten aan te horen. “Kom op, Martin, je kan het!” zeg ik voorzichting tegen mezelf.

Volgende keer

Volgende keer bespreek ik hoe een oude TV-serie mij zeer verdrietig maakt.

Bekijk reacties op deze blogpost of reageer zelf!